Hoe ga ik om met het herstel?

Soms kan het herstel anders lopen dan u had verwacht. Het kan lastig zijn om het ‘gewone’ leven weer op te pakken. Dat geldt voor u, maar ook voor de mensen om u heen. Hier vindt u tips hoe u en uw naasten met de nieuwe situatie om kunnen gaan en wat u kunt doen als u hier hulp bij wilt. Veel patiënten ervaren stress tijdens de herstelperiode. Teleurstelling, piekeren en onzekerheid zijn normale reacties. Iedereen gaat hier op zijn eigen manier mee om.

Eerste weken na een botbreuk

De eerste weken na een botbreuk zijn vooral gericht op het lichamelijke herstel. Vaak krijgt u ook begeleiding van zorgverleners, om zo snel mogelijk weer zelfstandig uw leven op te pakken. Door lichamelijke beperkingen kunt u mogelijk niet meer alles doen zoals voor het ongeval. Omgaan met deze veranderingen is niet altijd makkelijk.

Na enkele weken of maanden

Na enkele weken of maanden gaat meestal het herstel minder snel dan in het begin. Dit hoort bij een normaal herstelproces, maar u kunt dit ervaren als een tegenslag of een terugval. Dit kan frustratie geven, u verdrietig of wanhopig maken. Ook kunnen mensen uit uw omgeving verwachten dat u al helemaal hersteld bent, terwijl dat nog niet zo is. De zorg en steun die u van uw omgeving kreeg, wordt dan minder of valt weg. Ook kan uw werkgever verwachten dat u weer aan het werk gaat. Dit alles bij elkaar kan veel van u vragen. Het is dan belangrijk om duidelijk aan te geven wat u wel kunt en niet kunt, en waar u hulp bij nodig heeft.

Tip

  • Praat over uw gevoelens met uw naasten, hulpverlener of lotgenoot. Vaak is het voor uw naasten ook wennen aan de nieuwe situatie. Erover praten helpt.
  • Durf hulp te vragen. Vaak vinden mensen het fijn als ze kunnen helpen.
  • Geef uw grenzen aan. Dat is niet altijd gemakkelijk, maar het helpt als anderen weten wat u wel of nog niet kunt.
  • Stel uw verwachting bij. Het herstel gaat met ups en downs. Geef uzelf de tijd.
  • Bespreek met uw huisarts als u professionele hulp nodig heeft. Zij kunnen u bijvoorbeeld doorverwijzen naar een psycholoog of maatschappelijk werker.

Voor naasten

  • Neem de tijd om te wennen aan de nieuwe situatie.
  • Laat de ‘patiënt’ zoveel mogelijk zelf doen, wat hij of zij zelf kan. Dit bevordert het herstel.
  • Blijf met elkaar praten. Vraag waar hij of zij hulp bij nodig heeft. Vul het niet in.
  • Denk ook aan uw eigen gezondheid. Ontspanning is belangrijk.
  • Als de zorg te zwaar voor u wordt, vraag hulp aan uw omgeving of huisarts.